Snijtechnieken in de keuken
Goed kunnen snijden is een van de belangrijkste basisvaardigheden in de keuken. Een goede snijtechniek zorgt niet alleen voor een mooie presentatie, maar ook voor gelijkmatige garing, snelheid, minder voedselverlies en veiligheid.
Wanneer ingrediënten ongeveer even groot worden gesneden, zullen ze ook ongeveer tegelijkertijd gaar worden. Vooral bij groenten maakt de manier waarop je snijdt daarom een groot verschil.
Het mes correct vasthouden
Voor de meeste snijwerkzaamheden wordt een koksmes gebruikt. Voor kleinere en fijnere werkzaamheden is een officemes handig.
Een koksmes houd je het best vast met de zogenaamde pinch grip. Hierbij plaats je duim en wijsvinger aan weerszijden van het lemmet, vlak voor het handvat. De overige vingers houden het handvat vast. Hierdoor heb je veel meer controle over het mes.
De hand waarmee je het product vasthoudt, vormt een klauw. De vingertoppen worden naar binnen gebogen en de knokkels wijzen naar het mes. Het lemmet kan zo langs de knokkels bewegen terwijl de vingertoppen veilig uit de buurt van de snede blijven.
Snijbewegingen
Wiegen
Bij een wiegende beweging blijft de punt van het mes grotendeels op de snijplank staan terwijl de achterkant van het mes op en neer beweegt.
Deze techniek is ideaal voor groenten, uien en kruiden.
Duwend snijden
Het mes beweegt tijdens het snijden naar beneden en iets naar voren. Hierdoor ontstaat een mooie, zuivere snede.
Deze techniek wordt veel gebruikt voor groenten.
Trekkend snijden
Hierbij wordt het mes tijdens het snijden naar je toe getrokken.
Deze techniek is geschikt voor bijvoorbeeld vlees en vis, omdat je met een lang en scherp mes mooie plakken kunt maken zonder het product te pletten.
Hakken
Bij hakken wordt het mes voornamelijk verticaal op en neer bewogen. Het lemmet komt daarbij grotendeels los van de snijplank.
Deze techniek wordt onder andere gebruikt voor groenten en kruiden.
Klassieke snijvormen
Veel klassieke snijtechnieken hebben een Franse naam. Vooral in professionele keukens kom je deze benamingen regelmatig tegen.
Julienne
Julienne zijn zeer fijne, gelijkmatige reepjes van ongeveer 1 tot 2 mm dik en 4 tot 5 cm lang.
Deze techniek wordt veel gebruikt voor wortel, prei, courgette, paprika en knolselderij.
Julienne wordt onder andere gebruikt voor:
- salades
- soepen
- wokgerechten
- groentegarnituren
Het product wordt eerst in dunne plakjes gesneden. Vervolgens worden enkele plakjes op elkaar gelegd en in fijne reepjes gesneden.
Brunoise
Brunoise bestaat uit zeer kleine, gelijkmatige blokjes van ongeveer 2 tot 3 mm.
Om brunoise te maken, wordt een groente eerst in julienne gesneden. De fijne reepjes worden vervolgens dwars in kleine blokjes gesneden.
Brunoise wordt vaak gebruikt voor:
- sauzen
- soepen
- fijne groentegarnituren
- salades
Het is een van de belangrijkste klassieke snijtechnieken in de professionele keuken.
Bâtonnet
Bâtonnet betekent letterlijk klein stokje.
Het zijn dikkere staafjes dan julienne, meestal ongeveer 5 tot 6 mm dik en 5 tot 6 cm lang.
Bâtonnet wordt vaak toegepast bij:
- wortelen
- aardappelen
- courgettes
- knolselderij
Van bâtonnet kunnen vervolgens mooie gelijkmatige blokjes worden gemaakt.
Jardinière
Jardinière zijn korte, vrij stevige groentestaafjes.
Ze zijn ongeveer 4 tot 5 mm dik en 3 tot 4 cm lang.
Deze snijvorm wordt vooral gebruikt voor warme groentegarnituren en klassieke groentebereidingen.
Macédoine
Macédoine bestaat uit kleine, gelijkmatige blokjes van ongeveer 5 mm.
Je kunt macédoine beschouwen als een grotere versie van brunoise.
Deze snijvorm wordt veel gebruikt voor:
- gemengde groenten
- salades
- soepen
- koude en warme garnituren
Mirepoix
Bij mirepoix is een perfecte vorm minder belangrijk.
Groenten zoals ui, wortel en selderij worden relatief grof gesneden en gebruikt als aromatische basis voor:
- bouillon
- fond
- soep
- saus
- stoofgerechten
Omdat de groenten vaak lange tijd meekoken en uiteindelijk soms worden gezeefd of verwijderd, hoeven de stukken niet perfect te zijn.
Probeer ze wel ongeveer even groot te snijden zodat ze gelijkmatig garen en hun smaak afgeven.
Chiffonade
Chiffonade is een techniek voor bladgroenten en verse kruiden.
Enkele blaadjes worden op elkaar gelegd en voorzichtig opgerold. Vervolgens wordt het rolletje dwars in zeer fijne reepjes gesneden.
Hierdoor ontstaan mooie dunne lintjes.
Deze techniek is bijvoorbeeld geschikt voor:
- basilicum
- munt
- salie
- spinazie
- sla
Chiffonade wordt vaak gebruikt als garnituur.
Émincé
Émincer betekent dun snijden.
Het product wordt in dunne plakjes of reepjes gesneden. Een ui die in fijne halve ringen wordt gesneden, is hiervan een goed voorbeeld.
Ook champignons, sjalotten en prei worden vaak geëminceerd.
De afmetingen zijn bij émincé minder strikt vastgelegd dan bij julienne of brunoise.
Ciseler
Ciseler wordt vooral gebruikt voor het zeer fijn snijden van ui, sjalot en verse kruiden.
Bij een ui wordt de wortelaanzet tijdens het snijden aanvankelijk intact gelaten. Hierdoor blijven de verschillende lagen bij elkaar. Na enkele insnijdingen wordt de ui dwars gesneden waardoor zeer kleine stukjes ontstaan.
Bij kruiden betekent ciseler dat ze fijn worden gesneden zonder ze onnodig te kneuzen of te pletten.
Paysanne
Paysanne is een dunne, platte snijvorm.
De stukjes zijn ongeveer 1 cm breed en slechts enkele millimeters dik.
De vorm volgt vaak de natuurlijke vorm van de groente. Hierdoor kunnen vierkantjes, driehoekjes, rondjes of halve maantjes ontstaan.
Paysanne wordt vooral gebruikt voor groenten die snel moeten garen, bijvoorbeeld in soepen.
Rondelle
Rondelle betekent dat een rond of cilindervormig product in schijfjes wordt gesneden.
Deze techniek is geschikt voor bijvoorbeeld:
- wortel
- courgette
- komkommer
- prei
Wanneer het mes schuin wordt gehouden, ontstaan grotere ovale plakjes. Dit wordt ook wel een diagonale of bias cut genoemd.
Concassé
Concassé betekent grof gehakt of grof gesneden.
De bekendste toepassing is tomate concassée.
Tomaten worden hiervoor kort geblancheerd en daarna onmiddellijk gekoeld. Vervolgens worden ze ontveld, meestal ontpit en wordt het vruchtvlees in kleine blokjes gesneden.
Tomatenconcassé wordt veel gebruikt in sauzen, garnituren en mediterrane gerechten.
Snijtechnieken voor aardappelen
Ook voor aardappelen bestaan verschillende klassieke snijvormen.
Pont-Neuf
Pont-Neuf zijn dikke, regelmatig gesneden frieten van ongeveer 1 cm dik of iets dikker.
Door hun formaat blijven ze vanbinnen zacht terwijl de buitenkant krokant kan worden gebakken.
Allumette
Allumette betekent letterlijk lucifer.
Aardappelen worden hierbij in zeer dunne, lange staafjes gesneden. Ze zijn aanzienlijk dunner dan gewone frieten en worden meestal krokant gefrituurd.
Paille
Paille betekent stro.
Het zijn extreem dunne aardappelreepjes die na het frituren zeer krokant worden. Ze kunnen bijvoorbeeld als garnituur bij vlees- en visgerechten worden gebruikt.
Parisienne
Bij Parisienne worden met een speciale parisienneboor kleine bolletjes uit aardappelen, groenten of fruit gestoken.
De techniek wordt gebruikt om een gerecht een verzorgde en klassieke presentatie te geven.
Château
Een château-aardappel is een langwerpige, gelijkmatig gevormde aardappel die meestal wordt getourneerd.
Deze klassieke aardappelbereiding wordt vaak bij vleesgerechten geserveerd.
Tourner
Tourneren is een klassieke snijtechniek waarbij groenten of aardappelen met een klein mesje in een gelijkmatige, langwerpige vorm worden gesneden.
Traditioneel probeert men hierbij een vorm met zeven vlakken te creëren.
Tourneren zorgt voor een elegante presentatie en gelijkmatige garing. De techniek wordt tegenwoordig minder vaak toegepast omdat er relatief veel afsnijdsels ontstaan.
Deze afsnijdsels hoeven natuurlijk niet verloren te gaan. Ze kunnen worden gebruikt voor bijvoorbeeld soep, puree, saus of fond.
Waarom zijn snijtechnieken belangrijk?
Snijtechnieken zijn niet alleen bedoeld om een gerecht mooier te presenteren. De grootte en vorm van een ingrediënt hebben rechtstreeks invloed op de bereidingstijd en garing.
Een wortel die in kleine brunoise is gesneden, zal bijvoorbeeld veel sneller gaar worden dan een dikke bâtonnet.
Wanneer verschillende groenten samen worden bereid, is het daarom belangrijk dat ze zo worden gesneden dat ze ongeveer tegelijkertijd gaar zijn.
Daarnaast zorgen goede snijtechnieken voor:
- een verzorgde presentatie
- gelijkmatige garing
- sneller en efficiënter werken
- minder voedselverlies
- veiliger werken met messen
- een professionele uitstraling van het gerecht
De belangrijkste regel is daarom:
Snijd niet alleen mooi, maar vooral gelijkmatig.
Een perfecte brunoise van exact 2 mm is minder belangrijk dan honderd blokjes die allemaal ongeveer dezelfde grootte hebben.
Wie snijtechnieken wil leren, kan het beste beginnen met bâtonnet, julienne, brunoise en macédoine. Met bijvoorbeeld een wortel of aardappel kun je deze technieken uitstekend oefenen. Zodra je deze basissneden en een veilige meshouding beheerst, worden de andere klassieke snijtechnieken een stuk eenvoudiger.
Keukenmessen: welke messen gebruik je waarvoor?
In een professionele keuken is het belangrijk om voor elk product het juiste mes te gebruiken. Een goed mes zorgt ervoor dat je nauwkeuriger, sneller en veiliger kunt werken. Bovendien helpt het om producten netjes te snijden, waardoor ze er mooier uitzien op het bord.
Keukenmessen verschillen in lengte, vorm, breedte, flexibiliteit en scherpte. Elk type heeft zijn eigen toepassing. Een mes waarmee je groenten snijdt, is bijvoorbeeld niet altijd geschikt om een vis te fileren of vlees van een bot te verwijderen.
Hieronder vind je een overzicht van de belangrijkste keukenmessen, hun eigenschappen en het juiste gebruik.
1. De belangrijkste keukenmessen
1.1. Het koksmes (chefmes)
Het koksmes is een van de belangrijkste messen in de keuken. Het heeft een breed, stevig lemmet dat naar de punt toe smaller wordt. De lengte varieert doorgaans van 20 tot 30 cm.
Waarvoor gebruik je het?
- Groenten en fruit snijden.
- Uien, sjalotten en kruiden fijnhakken.
- Vlees in stukken verdelen.
- Grote groenten, zoals pompoen en knolselder, versnijden.
- Vlees en vis in porties verdelen, voor zover het mes daarvoor geschikt is.
Kenmerken: het koksmes is veelzijdig en geschikt voor veel snijwerk. Door de gebogen snede kun je een wiegende beweging maken, waarbij de punt van het mes dicht bij de snijplank blijft.
Praktische tip: gebruik het brede lemmet om gesneden groenten voorzichtig van de snijplank naar een recipiënt te verplaatsen. Gebruik daarvoor bij voorkeur de rug van het mes en niet de scherpe snede.
1.2. Het demi-chefmes
Het demi-chefmes is een kleiner model van het klassieke koksmes. De precieze afmetingen kunnen verschillen naargelang de fabrikant, maar het lemmet is vaak ongeveer 15 tot 20 cm lang.
Waarvoor gebruik je het?
- Kleinere groenten snijden.
- Uien en sjalotten versnijden.
- Kruiden fijnhakken.
- Vlees in kleinere porties snijden.
- Algemeen snijwerk waarvoor een groot koksmes minder handig is.
Kenmerken: het demi-chefmes combineert de veelzijdigheid van een koksmes met meer controle bij fijnere werkzaamheden.
Praktische tip: voor iemand die een groot koksmes onhandig vindt, kan een demi-chefmes een goede keuze zijn. Het is ook geschikt voor kleinere snijplanken en compacte werkruimtes.
1.3. Het officemes (office- of schilmes)
Het officemes is een klein mes met een smal lemmet, meestal ongeveer 7 tot 10 cm lang. Het is bedoeld voor nauwkeurig snijwerk.
Waarvoor gebruik je het?
- Groenten en fruit schillen.
- Aardappelen ogen en plekjes verwijderen.
- Aardbeien kroontjes verwijderen.
- Knoflook schoonmaken.
- Kleine groenten en fruit versnijden.
- Decoratieve snijwerkzaamheden uitvoeren.
Kenmerken: door het korte lemmet heb je veel controle over kleine producten en fijne snijbewegingen.
Praktische tip: gebruik een officemes voor het schoonmaken van champignons, het verwijderen van de harde uiteinden van boontjes of het bijwerken van groenten.
Let op: gebruik het niet als vervanging voor een uitbeenmes. Het lemmet is daarvoor meestal niet geschikt.
1.4. Het fileermes
Het fileermes heeft een lang, smal en meestal flexibel lemmet. De lengte bedraagt vaak ongeveer 15 tot 20 cm.
Waarvoor gebruik je het?
- Vis fileren.
- Visgraten zorgvuldig verwijderen.
- Het vel van visfilets scheiden.
- Dunne stukken vis nauwkeurig versnijden.
- Bij sommige modellen: vlees of gevogelte nauwkeurig van bepaalde delen scheiden.
Kenmerken: de flexibiliteit maakt het mogelijk om de natuurlijke vorm van de vis te volgen. Zo kun je het vlees zo dicht mogelijk bij de graat afsnijden en weinig product verliezen.
Er bestaan ook stijvere fileermessen, bijvoorbeeld voor grotere of stevigere vissen.
Praktische tip: leg de vis stabiel op een snijplank en werk met gecontroleerde, lange snijbewegingen. Een fileermes moet zeer scherp zijn: een bot mes vraagt meer kracht en kan gemakkelijker wegglijden.
1.5. Het uitbeenmes
Een uitbeenmes is speciaal ontworpen om vlees van beenderen los te snijden. Het heeft een smal lemmet met een relatief scherpe punt. Er bestaan zowel flexibele als stijve uitvoeringen.
Waarvoor gebruik je het?
- Vlees van beenderen losmaken.
- Kippenbouten uitbenen.
- Varkensvlees uitbenen.
- Rundvlees van beenderen scheiden.
- Pezen, vliezen en overtollig vet verwijderen.
- Vlees nauwkeurig bijwerken.
Kenmerken: het smalle lemmet maakt het mogelijk om dicht langs het bot te werken. Een flexibel uitbeenmes is handig voor fijne contouren en kleinere stukken. Een stijver model biedt meer controle bij stevigere stukken vlees.
Praktische tip: gebruik bij het uitbenen kleine, gecontroleerde bewegingen. Snijd bij voorkeur langs het bot in plaats van met kracht door het bot heen. Voor het doorsnijden van zware beenderen gebruik je een geschikt hakmes of een professionele botzaag.
1.6. Het vleesmes of trancheermes
Het vleesmes heeft een lang, smal lemmet dat meestal relatief weinig breed is. De lengte ligt vaak tussen 20 en 30 cm.
Waarvoor gebruik je het?
- Gebraad in dunne plakken snijden.
- Rosbief trancheren.
- Gebakken of gebraden vlees in porties verdelen.
- Ham en andere grote stukken vlees snijden.
- Gaar vlees netjes presenteren.
Kenmerken: het lange lemmet maakt het mogelijk om met lange, vloeiende bewegingen mooie, gelijkmatige plakken te snijden. Een trancheermes is doorgaans minder geschikt voor hakwerk of het verwijderen van vlees van beenderen.
Praktische tip: laat gebraden vlees na de bereiding voldoende rusten. Gebruik vervolgens een scherp trancheermes om nette plakken te snijden zonder het vlees onnodig samen te drukken.
1.7. Het broodmes
Het broodmes herken je aan het lange lemmet met een gekartelde snede.
Waarvoor gebruik je het?
- Brood snijden.
- Harde broodkorsten doorsnijden.
- Stokbrood in plakjes snijden.
- Sommige taarten en zachte gebaksoorten snijden.
- Producten met een stevige buitenkant en zachte binnenkant versnijden.
Kenmerken: de kartels grijpen in de korst, waardoor je minder druk hoeft uit te oefenen. Daardoor kun je een zachte binnenkant beter intact houden.
Praktische tip: maak lange zaagbewegingen en druk niet te hard. Zo voorkom je dat je brood of gebak platdrukt.
1.8. Het santokumes
Het santokumes is een Japans keukenmes met een relatief breed lemmet en een afgeronde of minder sterk gebogen snede. De naam santoku verwijst naar de drie toepassingen waarvoor het traditioneel geschikt is: vlees, vis en groenten.
Waarvoor gebruik je het?
- Groenten fijnsnijden.
- Vis en vlees in kleine stukken verdelen.
- Kruiden hakken.
- Ingrediënten voor wokgerechten voorbereiden.
- Dunne plakjes snijden.
Kenmerken: het brede lemmet biedt controle en kan helpen om gesneden ingrediënten op te nemen. Veel santokumessen hebben kuiltjes in het lemmet om het kleven van bepaalde ingrediënten te verminderen.
Praktische tip: het santokumes is een goed alternatief voor een klassiek koksmes, vooral wanneer je veel groenten en vis verwerkt.
1.9. Het hakmes
Een hakmes heeft een zwaar, breed en stevig lemmet. Er bestaan verschillende soorten hakmessen, afhankelijk van het beoogde gebruik.
Waarvoor gebruik je het?
- Grotere stukken vlees verdelen.
- Geschikte beenderen hakken.
- Stevige ingrediënten versnijden, afhankelijk van het type hakmes.
- In professionele keukens: bepaalde slagerswerkzaamheden uitvoeren.
Kenmerken: het gewicht en de stevige constructie helpen bij hakwerk.
Belangrijk: niet elk hakmes is geschikt voor beenderen. Een Chinees keukenhakmes met een dunner lemmet is bijvoorbeeld bedoeld voor snijwerk en niet om zware botten mee te breken.
Praktische tip: gebruik een hakmes alleen voor het werk waarvoor het ontworpen is. Kies een stabiele snijondergrond en houd je vrije hand uit de buurt van de snijrichting.
1.10. Het tourneermes
Het tourneermes is een klein mes met een gebogen lemmet. Het wordt vooral gebruikt voor klassieke groentebereidingen.
Waarvoor gebruik je het?
- Aardappelen tourné snijden.
- Wortelen een gelijkmatige, ovale vorm geven.
- Groenten decoratief bijwerken.
- Kleine stukken groente nauwkeurig modelleren.
Kenmerken: de gebogen snede maakt het mogelijk om met korte bewegingen een ronde vorm te creëren.
Praktische tip: bij klassiek tournéwerk worden groenten vaak in een gelijkmatige, langwerpige vorm met meerdere vlakke zijden gesneden. Dit vraagt oefening en een scherp mes.
2. Welk mes gebruik je bij welk product?
Onderstaande tabel helpt je om snel het juiste mes te kiezen.
| Product of bereiding | Geschikt mes | Waarom? |
|---|---|---|
| Ui | Demi-chef of koksmes | Goede controle bij het fijnsnijden |
| Sjalot | Officemes of demi-chef | Nauwkeurig snijwerk |
| Knoflook | Officemes of demi-chef | Gemakkelijk pellen en fijnsnijden |
| Wortelen | Koksmes of demi-chef | Geschikt voor plakjes, blokjes en julienne |
| Aardappelen schillen | Officemes of dunschiller | Nauwkeurig schillen |
| Aardappelen tourné | Tourneermes | Gebogen lemmet voor het modelleren |
| Pompoen | Stevig koksmes | Geschikt voor het versnijden van stevige groenten |
| Tomaten | Scherp koksmes of gekarteld mes | Snijdt door de schil zonder het vruchtvlees te pletten |
| Brood | Broodmes | Gekartelde snede voor de korst |
| Gebraad | Vlees- of trancheermes | Maakt gelijkmatige plakken |
| Rauwe kip uitbenen | Uitbeenmes | Werkt nauwkeurig langs de beenderen |
| Rundvlees uitbenen | Uitbeenmes | Scheidt vlees van botten en verwijdert vliezen |
| Vet en pezen verwijderen | Uitbeenmes of afmes | Smal lemmet voor nauwkeurig bijwerken |
| Zalm fileren | Fileermes | Volgt de vorm van de vis |
| Tong fileren | Fileermes | Maakt fijne sneden langs de graat |
| Grote vis portioneren | Geschikt fileer- of vismes | Afhankelijk van de grootte en stevigheid van de vis |
| Verse kruiden hakken | Koksmes of demi-chef | Geschikt voor fijn en gecontroleerd hakwerk |
| Chocolade hakken | Koksmes of demi-chef | Breed lemmet voor het fijnhakken |
| Harde beenderen hakken | Geschikt hakmes of botzaag | Speciaal ontworpen voor zwaar hakwerk |
Let op: de grootte van het product, de stevigheid en de gewenste snijtechniek bepalen mee welk mes het meest geschikt is.
3. Welke messen gebruik je bij vlees?
Bij vlees is het belangrijk om onderscheid te maken tussen het uitbenen, het bijwerken en het portioneren.
| Werkzaamheid | Aanbevolen mes |
|---|---|
| Een runderrug of schouder uitbenen | Stijf of halfstijf uitbeenmes |
| Kippenbouten uitbenen | Kort uitbeenmes |
| Vliezen verwijderen | Smal uitbeen- of afmesmes |
| Vet wegsnijden | Afmesmes of uitbeenmes |
| Biefstuk portioneren | Koksmes of geschikt vleesmes |
| Rosbief in plakken snijden | Trancheermes |
| Gebraad versnijden | Vleesmes |
| Grote stukken vlees verdelen | Koksmes of geschikt slagersmes |
| Beenderen hakken | Geschikt hakmes of botzaag |
Wat is een afmesmes?
Een afmesmes is een mes dat wordt gebruikt om vlees bij te werken. Het heeft vaak een relatief smal lemmet en is geschikt voor het verwijderen van overtollig vet, vliezen en kleine onregelmatigheden.
De benaming en uitvoering kunnen per fabrikant verschillen. In sommige keukens worden hiervoor ook uitbeenmessen gebruikt.
4. Welke messen gebruik je bij vis?
Bij vis is vooral de flexibiliteit van het lemmet belangrijk.
| Werkzaamheid | Aanbevolen mes |
|---|---|
| Een hele vis fileren | Fileermes |
| De huid van een filet verwijderen | Fileermes of geschikt vismes |
| Graten verwijderen | Fileermes of pincet voor visgraten |
| Zalm in porties snijden | Scherp vismes of geschikt fileermes |
| Rauwe vis voor tartaar snijden | Scherp koksmes |
| Vis in dunne plakjes snijden | Lang, scherp vismes |
| Grote, stevige vis verdelen | Geschikt stevig vismes of ander daarvoor ontworpen gereedschap |
Praktische tip: gebruik voor het fileren van vis een aparte, schone snijplank en reinig het mes na gebruik grondig. Zo beperk je kruisbesmetting tussen rauwe vis en andere voedingsmiddelen.
5. Welke messen zijn onmisbaar in een keuken?
Je hoeft niet tientallen messen te kopen om goed te kunnen koken. Met een kleine, zorgvuldig gekozen collectie kun je al heel veel werkzaamheden uitvoeren.
Voor een thuiskok zijn deze vijf messen een uitstekend vertrekpunt:
- Koksmes of demi-chefmes: voor het meeste dagelijkse snijwerk.
- Officemes: voor schillen en kleine, nauwkeurige werkzaamheden.
- Broodmes: voor brood en producten met een stevige korst.
- Fileermes: wanneer je regelmatig hele vissen schoonmaakt of fileert.
- Uitbeenmes: wanneer je zelf vlees of gevogelte uitbeent.
Voor een professionele keuken kan een trancheermes of afmesmes eveneens bijzonder nuttig zijn.
De keuze hangt af van de gerechten die je bereidt. Wie voornamelijk groenten en vegetarische gerechten maakt, heeft bijvoorbeeld minder behoefte aan een uitbeenmes dan iemand die regelmatig hele vissen of grote stukken vlees verwerkt.
6. Hoe onderhoud je keukenmessen?
Een goed mes gaat jarenlang mee als je het correct onderhoudt.
Scherp houden
Een scherp mes snijdt gemakkelijker en vraagt minder kracht. Gebruik een geschikte aanzetstaal of slijpmethode die past bij het type mes.
Een aanzetstaal houdt de snede tijdens het gebruik beter in vorm, maar vervangt geen echte slijpbeurt wanneer het mes bot geworden is.
Correct reinigen
- Was messen bij voorkeur met de hand.
- Gebruik warm water en afwasmiddel.
- Droog het mes onmiddellijk af.
- Volg de aanbevelingen van de fabrikant.
- De vaatwasser is af te raden: hitte, reinigingsmiddelen en contact met andere voorwerpen kunnen het lemmet en het heft beschadigen.
Veilig opbergen
Bewaar messen in een messenblok, op een geschikte magneetstrip of in beschermhoezen. Leg ze niet los in een besteklade.
Veilig snijden
- Gebruik een stabiele snijplank.
- Houd je vingers gebogen en uit de snijrichting.
- Snijd niet naar je vrije hand toe.
- Probeer een vallend mes nooit op te vangen.
- Gebruik voor elk werk een geschikt mes.
7. Besluit: het juiste mes maakt het verschil
In een goede keuken is niet het aantal messen belangrijk, maar wel de keuze van het juiste mes voor de juiste taak.
Een koksmes of demi-chefmes is ideaal voor dagelijks snijwerk. Een fileermes is ontworpen voor vis, een uitbeenmes voor het nauwkeurig losmaken van vlees van beenderen en een trancheermes voor het snijden van mooie, gelijkmatige plakken gebraad.
De belangrijkste regel is eenvoudig: kies een mes dat past bij het product, de snijtechniek en de gewenste precisie. Dat werkt niet alleen prettiger, maar helpt ook om veiliger en met minder productverlies te werken.